Vroeger en Nu | Synagoge

HOOGEZAND

We staan, op deze twaalfde april - de dag vóór de officiële bevrijding in 1945 van Hoogezand en Sappemeer- voor aflevering vijfentwintig van onze rubriek Vroeger en Nu in Hoogezand op de hoek van de Rembrandtlaan en de Hoofdstraat, met links het advocatenkantoor en de vroegere tandartsenpraktijk daarboven en daarachter de gereformeerde kerk vrijgemaakt.

Op de foto van rond 1955 de synagoge van de joodse gemeenschap. Verder oostwaarts zag je hier vroeger de villa van de dames Wildervanck, het dubbele winkelpand met drogisterij De Gaper en sporthuis Nijboer, vervolgens het Spakmanslaantje, het dubbele winkelpand van juwelier Holle en kleermaker Holtman en tenslotte het kantoor van de busonderneming GADO.

Aan de overkant van het Winschoterdiep lag destijds de scheepswerf van Coops. Aan het begin van de achttiende eeuw vestigden de eerste joden zich in Hoogezand. In 1810 werd een synagoge ingericht in een huis aan de Kalkwijk. In 1854 werd de afgebeelde synagoge in gebruik genomen, dat naast de synagoge ook een school, een vergaderzaal en een onderwijzerswoning huisvestte. Vanaf 1836 had men de beschikking over een eigen begraafplaats aan de Knijpslaan in Kolham (gemeente Slochteren, westelijk van de Meubelhallen). De meeste joden waren werkzaam in de veehandel, straathandel, vleeshouwerij en andere takken van handel. Verreweg het grootste deel van de joden, die voor en tijdens de Tweede Wereldoorlog in Hoogezand-Sappemeer woonden, is gedeporteerd en vermoord.

Een klein aantal (15 van de ruim 200) wist onder te duiken of op een andere manier de oorlog te overleven. Zoals bijvoorbeeld Simon de Beer uit de Zuiderlaan, aardappelhandelaar, die in Kamp Westerbork te Hooghalen het toezicht kreeg over de aardappelbunker. Deze opslagplaats is nu nog te zien naast met monument met de gebogen spoorrails. De synagoge werd, nadat alle joden waren weggevoerd, deels leeggeroofd, deels beschadigd. Na het vertrek van de laatste joden begon de toenmalige gemeente Hoogezand in het najaar van 1943 aan de afhandeling van de administratie rond de deportatie en de verdeling van bezittingen, die de joodse inwoners hadden achtergelaten. Het transport kostte 27,15 gulden en de ontruiming van de woningen: 138,16 gulden. De bewaring, opslag en bewaking van de achtergelaten spullen hadden de gemeente daarentegen niets gekost, aldus een verheugde NSB-burgemeester en gemeentesecretaris in een brief aan de minister van Binnenlandse Zaken.

De deportatie van de joden had zelfs geld opgeleverd : een achtergebleven motor bracht bij verkoop 150 gulden op. Dit bedrag werd samen met 200 gulden aan gevonden contant geld in de gemeentekas gestort. Een in 1994 onthuld monument bij het spoorwegstation Hoogezand - Sappemeer herinnert aan de 93 transporten met de via dit baanvak ruim 108.000 weggevoerde joodse medeburgers, Sinti en Roma naar de vernietigingskampen.

Voor opmerkingen of aanvullingen mailt u naar : histverhosap@gmail.com Meer over de historie van onze gemeente vindt u op : www.historische-vereniging- hs.nl


Auteur

Redacteur