Column Laura Mijnders | Winnen

ZUIDBROEK

Voor ons zitten twee mensen; een oudere man en een gekromd, schrikachtig vrouwtje. Keurig op elkaar afgestemd, allebei in roze shirt, alsof het zo is afgesproken.

We schudden elkaar de hand, nemen elkaar halfslachtig op. Onze advocaat legt ons dossier op tafel, schuift het ze toe. Al onze persoonlijke gegevens, al onze kwetsbaarheden, al onze angsten staan erin beschreven. Het is vreemd om te merken hoeveel we in een tijd van nood aan een ander durven toe te vertrouwen. Misschien wel moeten toevertrouwen. Vrijwillig is het absoluut niet. Zoiets als privacy heb ik allang opgegeven. Ik kijk naar onze reflectie in het raam. Ik herken hem niet.

,,Welkom op deze hoorzitting. Jullie hebben vandaag de kans om jullie bezwaarschrift mondeling toe te lichten.'' Ze benoemen nadrukkelijk dat ze als onafhankelijke partij functioneren en niet in dient zijn van het UWV. Onze advocaat neemt als eerste het woord. Mijn gedachten dwalen af naar de opstapelende schulden, de invasie van slakken in de tuin. In het leven kun je de dingen nooit werkelijk voorkomen, ondanks de dingen die we onszelf voorhouden. Je kunt je alleen maar wapenen voor wat komen gaat.

Ze richten zich nu op mijn man. Vragen hoe hij zijn dagelijks leven ervaart. Hoe hij de dag doorkomt. Ik hoor het allemaal aan. Beweeg me niet. Overweeg of ik bestrijdingsmiddelen moet kopen. Vraag me af wat privacy nog betekent.

Daarna kijken ze mij aan. Ze vragen hoe ik het ervaar. Alle ogen zijn nu op mij gericht. Ik heb honderd keer in mijn hoofd geoefend, maar moet nu ineens hard nadenken. Tja, hoe ervaar je zoiets? ,,Ik kamp mijn hele leven al met depressies, maar nog nooit was het zo moeilijk als nu. Omdat ik het nu van dichtbij een ander zie overkomen. Iemand met wie ik samenleef. En omdat ik zie hoe jullie instantie daar mee omgaat. We zijn inmiddels doodsbang voor de brievenbus.'' Het is even stil. De advocaat knikt me kort toe.

Vanmorgen had ik het op mijn werk nog met een groep moeders over weerbaarheid. Dat dit onlosmakelijk verbonden is met zelfvertrouwen. En dat zelfvertrouwen het beste kan worden gestimuleerd door het vertrouwen van anderen. Na dat knikje van de advocaat (voor hem wellicht betekenisloos) vertel ik alles wat ik onbewust observeerde. Over mijn zorgen. Het is gek, om deze keer in de rol van toeschouwer, als metgezel te functioneren. Buiten praten we met de advocaat na over de vervolgprocedure. Over winnen of verliezen. Mijn man plukt afwezig in zijn pakje shag. Ik probeer de informatie te onthouden. Ga alle mogelijke scenario's na.

Thuis bekijk ik de aangevreten courgetteplant, de vergeelde boontjes, de omgewaaide perenboom.

Geen bestrijdingsmiddelen, dat spreekt alles waar ik in geloof tegen. Soms rest er niets anders dan volledige overgave aan de situatie, enkel hierdoor ontstaat er ruimte voor nieuwe dingen. Voor nu winnen de slakken.


Auteur

Redacteur