Vroeger en nu: Scheepswerf Mulder

SAPPEMEER-

Museumwerf Wolthuis te Sappemeer kreeg afgelopen week een bijzonder geschenk in bruikleen uit handen van mr. Frits Willem Mulder uit het Friese De Wilgen. Mulder is een achter-achterkleinzoon van scheepsbouwer Klaas Jans Mulder, die leefde van 1770 tot 1861.

Aflevering vierendertig van Vroeger en Nu dook in de geschiedenis van scheepsbouwer Mulder : bekend is dat de voorvader van dhr. Mulder, Klaas Jans Mulder, vanaf 1802 als scheepsbouwmeester werkzaam was op standplaats no. 15 in Sappemeer, op de hoek van het Borgercompagniesterdiep, de locatie van de huidige Museumwerf Wolthuis. Vanaf 1819 tot 1842 zwaaide Klaas Jans Mulder, eerst met een compagnon en daarna alleen de scepter over de werf tot 1853. Toen Mulder de leeftijd van 83 jaar had bereikt, verkocht hij de werf aan Roelf Feddes Berg en diens vrouw. Zijn zoon Jan Klaassens Mulder begon in 1840 ook in Sappemeer met de bouw van tjalken en koffen. De werf van Jan Klaassens Mulder lag achter de huizen van de voormalige Zuiderstraat, waar hij zelf woonde in een huis, thans locatie Noorderstraat, voormalig postkantoor en heden een apartementencomplex. De houten schepen gleden in het water bij de schuierhoutenfabriek J.H. Jager, ofwel ‘holtjesmoakerij’ van Jager. Een wegneembaar bruggetje was noodzakelijk om het schip in het voordiep te krijgen. Rond 1850 waren er 24 werven langs het Winschoterdiep gevestigd, in Sappemeer lagen 8 werven, en in Hoogezand, Martenshoek en Foxhol waren er nog eens 16. Op het grote aantal bijna aaneengesloten langs- en dwarshellingen stonden verschillende tjalken, koffen, koftjalken en schoenerkoffen in aanbouw. Er was voldoende kapitaal en de scheepsbouw stond er goed voor. De economische omstandigheden werden voor de scheepswerven steeds gunstiger na een moeilijke periode aan het eind van de jaren ‘30 van de 19e eeuw. Dit herstel werd voor een groot deel bepaald door de politieke en economische omstandigheden in Europa

Na geleidelijke groei kwam er toch weer een neergang door allerlei omstandigheden zoals innovatie, opkomst ijzeren scheepsbouw, concurrentie spoorwegen en na 1880 zette de achteruitgang in de scheepsbouw snel door. Na het overlijden van Jan Klaassens Mulder in 1886 hebben zijn zonen Jacob en Jan de werf voortgezet tot 1895. Daarna werd de werf gesloten. Op de foto uit 1950 de in- en uitgang en het houten bruggetje over het water, waar de schepen in het Winschoterdiep werden getrokken. Links de woning van de familie Jager aan de voormalige Zuiderstraat (nu ‘Het Vaderhuis’), tegenwoordig de Noorderstraat en ingang woonwijk Compagniesterpark, aangelegd in 1999.


Auteur

Redacteur