Op de voorgrond | Column Marc Jansen

HOOGEZAND

Ik houd er niet van op de voorgrond te staan. ‘Waarom schrijf je dan een column?’, hoor ik u denken. IJdeltuiterij immers, zo’n column. Met nog een foto erbij ook...

Ik wilde er dan ook heel lang niet aan, heb het ruim vijftien jaar uitgesteld. Tot 4 januari 2012. ‘Mijn chef vindt dat deze krant een column behoort te hebben.’, schreef ik in mijn eerste column voor de Kanaalstreek.

Vervolgens ontdekte ik het wel heel erg leuk te vinden mijn zielenroerselen te delen. Ik werd gedwongen over dingen na te denken. Er moest immers een column komen. Bovendien is de column een heel vrije vorm. Leuk om te doen naast interviews uitwerken en nieuwsartikelen schrijven.

‘Maar je traint toch ook een voetbalteam?’, zou u nog tegen mijn opening statement kunnen inbrengen. Klopt. Maar dat heb ik evenmin geambieerd. Wanneer er in de F’jes gewoon een trainer voor het team van mijn zoon was geweest, was ik er waarschijnlijk ook nooit aan begonnen.

Niet dat ik spijt heb. Want opnieuw bleek ik iets wat ik eigenlijk niet wilde, leuk te vinden. Omdat het toch wel heel dicht in de buurt kwam van zelf voetballen; voor mij het leukste dat er is (was).

Blijft overeind dat ik er niet van houd op de voorgrond te staan. We hebben daarom een heel slechte keuze gemaakt bij de aanschaf van een pup in de zomer van 2016. Deze hond, een Siberische husky, trekt namelijk heel veel van bekijks.

Van kleine kinderen bijvoorbeeld die haar aanzien voor een wolf. En van pubermeisjes die ‘aaah, een husky’ roepen. Maar ook van mensen die de zwarte tekening rond de ogen angstaanjagend vinden. Of van andere hondeneigenaren die haar dominante spel niet kunnen waarderen.

Een rondje lopen zonder op te vallen is er niet meer bij. Niets voor mij dus. Maar ja, het is zo’n lief beestje, hè.

Marc Jansen


Auteur

Marc Jansen