Liefhebber of leek | Column Marc Jansen

HOOGEZAND

Ik ben een groot sportliefhebber. Ik ben daarbij breed georiënteerd, vind veel sporten interessant. Dat wil niet zeggen dat ik van iedere sport evenveel weet.

Bepaald niet zelfs, merkte ik vorige week maar weer eens, toen ik op uitnodiging van collega Marcel bij Donars eerste wedstrijd in de halve finale van de play-offs om het landskampioenschap was.

Waar ik Groningens basketbaltrots ‘gewoon’ met 96-77 zag winnen van Rotterdam, wond vaste supporter Marcel zich op over het in zijn ogen vaak matige spel van de regerend landskampioen. Hij mopperde bovendien met enige regelmaat over al dan niet door de arbitrage geconstateerde overtredingen. Overtredingen die ik vrijwel nooit als zodanig herkende. Omdat ik de spelregels niet (goed genoeg) ken.

Ik voelde me een leek. Ik bén een leek. Langs de lijn van het voetbalveld heb ik vrij snel in de gaten of een ploeg bijvoorbeeld 4-3-3, 4-4-2 of 5-3-2 speelt. In MartiniPlaza herkende ik geen van de patronen waarmee de beide ploegen elkaar te lijf gingen. Terwijl die er absoluut waren. Zeker in het geval van Donar, dat meer dan eens via een compleet vrijstaande man tot scoren kwam.

Maar deze leek genoot wel...Van het wedstrijdelement uiteraard, maar ook van de vele juichmomenten, de interactie van de spelers met het publiek, de strakke planning, de cheerleaders tijdens de time-outs en

pauzes, de geringe afstand tot het veld én, chauvinistisch als ik ben, de winst van de Groningers.


Auteur

Marc Jansen