Pijn | Column Marc Jansen

De pijn diende zich 24 jaar geleden voor het eerst aan.

Aanvankelijk uitsluitend ná de wedstrijd, in de liesstreek. Vervolgens was hij er ook tíjdens wedstrijden en trainingen. Weer later was hij er daags - of zelfs enkele dagen - na de wedstrijd en/ of training nog steeds.

En uiteindelijk was hij er altijd, overal in en rond het bekken. Ook als er niet gesport werd of was.

Maar binnenkort scheiden onze wegen, wordt de pijn uit mijn lijf gesneden. Ik krijg een heupprothese. Een nieuwe heup, van titanium.

Ik verheug me niet op operatie en revalidatie, maar word hier wel heel blij van. Ook al zal het best even wennen zijn. De pijn is in al die jaren toch een deel van mijn identiteit geworden.

Het hoort bij me dat ik moeite heb mijn veters te strikken, regelmatig de slaap niet kan vatten, ‘s ochtends nogal stram ben, nauwelijks fatsoenlijk kan bukken, niet langer dan een halfuur zonder overdreven hinder kan wandelen en het lijf voller en voller wordt.

Ik wijt deze klachten aan de artrose. Voor een belangrijk deel terecht, dat zeker. Daarover liet de vorige week gemaakte röntgenfoto weinig twijfel bestaan.

Maar, het kost me moeite dit op papier te zetten, ik ben inmiddels een man van middelbare leeftijd. En ouderdom komt met gebreken... Een nauwelijks te stoppen proces.

Hoewel? Dat ik zwaarder en zwaarder word, heeft niets met mijn leeftijd te maken. Het zou zelfs laf zijn dit volledig aan mijn fysieke beperkingen toe te schrijven. Daarvoor eet ik (te) graag lekker en regelmatig te veel.

Conclusie: dat alsmaar zwaarder worden, is een wél te stoppen proces. Zeker als ik straks wat vrijer kan bewegen.

Geen excuus meer.

Gelukkig is er een wachtlijst...

Marc Jansen


Auteur

Marc Jansen Redacteur