Achter de kassa van Floris Fietsen: Stas Iljin

HOOGEZAND

In de rubriek ‘Achter de kassa’ een kort portret van een kassamedewerker van een winkel in het verspreidingsgebied van de HS-krant. Deze week met Stas Iljin.

Achter de kassa bij: “Floris Fietsen in Hoogezand.”

Naam: “Stas Iljin. Stas is een afkorting van Stanislav. Mijn beide ouders zijn Russisch. Maar ik ben geboren in Oezbekistan. Toen ik 7 was, zijn we naar Nederland gekomen. Als asielzoekers, inderdaad. Binnen 9 maanden hadden we een verblijfsvergunning. En 5 jaar later kreeg ik een Nederlands paspoort. Ik heb nu alleen nog de Nederlandse nationaliteit.”

Leeftijd: “Ik ben 25.”

Woonplaats: “Hoogezand.”

Sta je uitsluitend achter de kassa? “Nee, ik ben eigenlijk werkplaatschef. Maar ik ben heel allround, hoor. Als ik zie dat het heel druk is in de winkel, of als Floris (eigenaar Floris van Soldt; red) even weg is, spring ik gewoon even bij.”

Heb je een fulltime of een parttime baan? “Ik sta 32 uur onder contract. Maar ik werk ook wel eens langer door. Als een reparatie bijvoorbeeld echt af moet. Dat kan ik dan compenseren.”

Doe je er nog iets naast. Heb je hobby’s? “Eerder mocht ik graag wat sleutelen aan scooters en brommers. Sinds een jaartje heb ik een auto en die leer ik ook steeds beter kennen. Verder mag ik wel graag een balletje trappen, maar ben ik geen lid van een club of zo.”

Hoe lang werk je al bij Floris Fietsen? “Eigenlijk net zo lang als de winkel bestaat. Dat is in april 5 jaar. Maar ik werk al langer met Floris samen. Ik heb hem leren kennen bij Halfords, waar ik stage heb gelopen voor de verkoopopleiding niveau 2 die ik heb gedaan. Floris werkte daar toen ook. Toen Floris voor zichzelf is begonnen, ben ik meegegaan”

Op welke dag of dagen werk je het liefst? “De zaterdag. Dan is het wat drukker in de winkel en komen veel leuke mensen voorbij.”

Ken je alle prijzen uit je hoofd? “Ja, ik ken de prijs van ieder moertje en boutje uit mijn hoofd. Ook weet ik precies waar in de muren gaten hebben gezeten en dergelijke. Ik heb meegeholpen te verbouwen, toen we vorig jaar van de Sluiskade naar de Meint Veningastraat verhuisd zijn.”

Wat vind je het leukste onderdeel van jouw werk? “De reparaties. Ik vind het fantastisch om iemands problemen op te lossen. Het is heel fijn iemand zo te helpen dat ‘ie een glimlach op het gezicht krijgt.”

Heb je een band met je klanten? “Jazeker. Ik ken de achternaam van heel veel van onze klanten. Ik begroet die mensen dan ook altijd met hun naam als ze in de winkel komen. Dat geeft een connectie. En ik weet dan vaak ook wel wat er in het verleden met de fiets gebeurd is.”

Ben je er bewust van dat je achter de kassa het visitekaartje van het bedrijf bent? “Ja. Zeker als Floris er niet is. Of Floris problemen heeft met de tattoo op mijn rechterarm? Haha, grappig dat je erover begint. Ik heb eerst gevraagd hoe hij het zou vinden als ik een tattoo zou nemen. Ik heb daarbij meteen aangegeven wel een shirt met lange mouwen te willen dragen, mocht hij er problemen mee hebben. Maar toen hij het resultaat zag, had hij er geen enkel bezwaar meer tegen. De tatoeage is een eerbetoon aan mijn opa. In de 18 jaar na ons vertrek uit Oezbekistan heb ik hem nog maar 1 keer gezien. Kort na die ene keer is hij overleden. Daar heb ik 2 jaar mee gezeten. Het voelde alsof hij me ontnomen is... Mijn opa hield ervan op eenden te jagen. De tatoeage is een in het water staande jager. Plus de naam van mijn opa.”


Auteur

Marc Jansen Redacteur