Grunniger verdachte krijgt lagere straf, maar zit met kerst achter tralies

De rechtbank heeft een 51-jarige man uit Veendam veroordeeld tot tot 16 maanden celstraf (waarvan 10 voorwaardelijk) wegens brandstichting.

De straf valt fors lager uit dan er was geëist (36 maanden, waarvan 12 voorwaardelijk). Desondanks zit de man tijdens de komende feestdagen achter de tralies. ,,Beetje flauw’’, vond de raadsman.

De man maakte zich schuldig aan brandstichting in Westerlee waar hij tot drie keer toe een auto in brand stak of probeerde dat te doen. Het was een wraakactie; de man leefde in onmin met zijn ex. Hij dacht dat de auto die hij in brand stak van zijn ex was. Het voertuig - zelfde kleur blauw - was evenwel van een buurtbewoner.

Levensgevaar bij één brandstichting

Het Openbaar Ministerie tilt zwaar aan de zaak omdat bij één brandstichting de auto dicht bij een woning stond waar mensen lagen te slapen. Er was op dat moment sprake van levensgevaar.

De rechtbank heeft bij het vaststellen van de straf rekening gehouden met de persoonlijke omstandigheden van de verdachte.

De rechtszaak werd twee weken geleden grotendeels in het Gronings gevoerd omdat de man alleen het dialect spreekt. De officier van justitie werd bijgestaan door een justitiemedewerker die het Groninger dialect, net als een van de rechters, eveneens machtig is. De wet schrijft voor dat rechtszaken in het Nederlands worden gevoerd. Alleen voor het Fries wordt een uitzondering gemaakt.