Plukgeluk aan het Perenlaantje

WESTERBROEK De dorpsboomgaard van Westerbroek aan de Oudeweg 47 ligt er deze zonnige dagen prachtig bij. Harm Brander heeft zijn fiets tegen een van de picknicktafels gestald en loopt met een mooie oogst in een linnen tas gebukt tussen de bomen door. “De stoofperen liggen hier op de grond. Mensen, maak er gebruik van!”, luidt zijn oproep.

Brander woont al vijf jaren met veel plezier in Westerbroek. Bij zijn zoon heeft hij in hetzelfde dorp een moestuin met pompoen, courgettes, rode bieten, boontjes, prei en uien. Op dit moment staan er ruim 70 potjes stoofperen in huis en jaarlijks maakt hij wel 300 potjes jam. De trossen druiven die zijn zwager hem geeft, verandert hij in sap. “Mensen weten vaak niet meer wat ze moeten met de dingen uit de natuur”, merkt hij. “En dat is zo jammer! Het is onbespoten en zo verschrikkelijk lekker en je kan er zoveel mee doen.”

De stoofperen uit de dorpsboomgaard aan de Oudeweg, bijvoorbeeld. “Het duurt even voor je ze kunt eten, want de peertjes moet behoorlijk lang koken op een zuinig pitje, maar dan heb je stoofpeertjes. Het kan in de yoghurt, bij de pudding en het is gewoon lekker bij de maaltijd.”

De Westerbroekster vindt het zonde dat het fruit blijft liggen en tipt in het kader van plukgeluk ook graag de Woortmansdijk in Westerbroek, “vroeger ook wel het Perenlaantje genoemd”. Zo lang je voorzichtig bent en geen takken afbreekt, ben je wat Brander betreft ontzettend welkom om in zijn mooie dorp peren te komen rapen en plukken. Een beetje haast is geboden, want het perenseizoen is bijna afgelopen. “Maar ga je daar nu heen; dan kan je er wel twee vrachtwagens vol peren weghalen”, zegt hij.

En hoe je weet of een stoofpeer rijp is? “Officieel door een peer door te snijden, de pitjes moeten dan zwart zijn.” Bij Brander valt overigens geen mes te bespeuren, hij kan duidelijk op zijn ervaring rekenen.