Leden hebben geen vertrouwen in afhandeling aardbevingsschade

MIDDEN GRONINGEN - De Vereniging Groninger Monument Eigenaren (VGME) heeft onlangs een enquête gehouden onder haar leden om de voor de afhandeling van de aardbevingsschade verantwoordelijke instanties te beoordelen op een drietal criteria.

Uitkomst: men heeft weinig tot geen vertrouwen in de Nationaal Coordinator Groningen, Centrum Veilig Wonen en de tijdelijke Commissie Mijnbouwschade. „Niet verbazingwekkend, wel uitermate teleurstellend”, zo stelt de VGME.

Schril contrast

Een uitzondering is het Erfgoedloket dat in opdracht van de provincie en het NCG is opgericht en onder de verantwoordelijkheid van Libau haar ondersteunende werk doet voor eigenaren van het gebouwde erfgoed: de gemiddelde score is een zeven. Een schril contrast met de eerdergenoemde instanties die een gemiddelde scoren van amper een vier. De beoordeling betreft de volgende drie criteria: zorgvuldigheid, betrouwbaarheid en deskundigheid.

Circa ⅓ van de leden heeft gehoor gegeven aan de oproep van de VGME om mee te doen aan de enquete. Bij de drie instanties, CVW, TCMG en NCG is niet echt een significant verschil in de beoordelingen. „Hoewel het NCG gemiddeld iets hoger scoort, durven we te stellen dat alle drie de instanties ver beneden de maat zijn. Het voldoet bij lange na niet aan de verwachtingen van onze gedupeerde leden.”

Het Erfgoedloket onderscheidt zich duidelijk van de eerdergenoemde drie instanties en scoort gemiddeld een zeven. Opvallend, te meer daar dit loket niet direct bij het oplossen van de schade of het versterken betrokken is, maar de gedupeerde eigenaren slechts ondersteuning geeft in de wirwar van regels en procedures.

Situatie is alleen maar verslechterd

„Het is triest te constateren dat, een jaar na het uitbrengen van het nieuwe protocol, de situatie eerder is verslechterd dan is verbeterd. Wij blijven van mening dat het gehele proces van schadeherstel en preventief versterken onnodig ingewikkeld wordt gemaakt en een toenemend bureaucratisch moeras is geworden. Dit alles is niet nodig.

Bovenstaande sterkt het bestuur om door te gaan op de ingeslagen weg: het bieden van oplossingen waarbij de eigenaar centraal staat en er zo weinig mogelijk ruis is op de relatie tussen gedupeerden en de aansprakelijke partijen NAM én EBN. Financiering/schade-uitkering op basis van beoordeling door een daadwerkelijk onafhankelijke commissie. Wij blijven ons constructief opstellen en altijd bereid tot een gesprek.”