Meester Korneel en de kerstezel | Kerstverhaal (2)

Hoogezand-Sappermeer - Jelte van der Kooi schreef speciaal voor de weekbladen van NDC mediagroep een kerstverhaal. Het verhaal speelt in de klas van meester Korneel.

‘Een paar jaar geleden, jullie zaten nog in de kleutergroep bij juf Berlinda, liep er in december een echtpaar uit Zweden door Nederland. Eric en Marthe waren hun namen en ze wandelden met een ezel en een paar honden in een traag tempo over Gods wegen om van elkaar en de omgeving te genieten. Ze kregen overal onderdak, eten en vertelden hun verhaal aan iedereen die het wilde horen. En in die decembermaand liepen ze hier in de buurt. Jullie zijn toen met z'n alleen naar buiten gegaan om ze voorbij te zien lopen. Directeur Zwarfdreumer heeft nog met ze gesproken en voor die avond en nacht onderdak voor ze gevonden: bij hem in de achtertuin. Ik ben er 's avonds naar toe gegaan en heb bij het kampvuur met ze gesproken. Dat was niet zo makkelijk want mijn Engels was niet zo goed. Maar soms hoef je niets te zeggen om wat te begrijpen.'

Beter kijken

'Ze vertelden dat ze rondliepen om het verhaal van de ezel te verkondigen. De domme ezel, zoals het spreekwoordelijk genoemd wordt, is heel belangrijk geweest in het kerstverhaal. Iedereen, zo zeiden ze, dacht bij kerst aan de kerstboom, aan feest, vrede op aarde en aan de geboorte van Jezus. Ze vonden ook dat het tijd is om eens goed om je heen te kijken. Om nog beter naar de mensen om je heen te kijken en je af te vragen wie ze zijn en vooral, wat ze nodig hebben. Daarom liepen ze met een ezel. Het was de ezel die Maria naar Bethlehem bracht en de ezel was ook maar mooi als een van de eersten op aarde getuige van de aanwezigheid van Jezus.' 'Eigenlijk vertelden Marthe en Eric dat je goed leert kijken als je het kerstverhaal ook een keer bekijkt vanuit de ogen van de ezel.' 'Dat je, zoals jullie net bij deze kersstal, niet direct iets moeten denken waarvan je niet zeker weet of het waar is. Je moet verder kijken dan je neus lang is. Het mooie zien door de lelijkheid die je eerst denkt te zien.' 'En bij mensen moet je in gesprek gaan, juist met degene die je niet zo leuk vindt.' Meester keek ons aan en liet even een stilte vallen.

Ster

‘En… je moet op zoek gaan naar de ster die de ander altijd, maar soms voor jou verborgen, bij zich draagt. Of misschien moet je wel op zoek gaat naar wat de ander kan, naar de ster die de ander ís. En, zo zeiden Marthe en Eric, soms hangt de ster niet helemaal recht boven de ander. Dan zie je de ster eerst niet terwijl hij er echt wel is. Weten jullie, ze hebben me op die avond geleerd dat zien meer is dan kijken en luisteren verder gaat dan horen.' Meester Korneel zuchtte en stond op van zijn stoel. Hij liep naar de kerststal en pakte de os. Hij streelde de wollige haren, boog de poten zo dat ze rechter stonden, verboog de kop zodat het weer een echte kop leek en zette hem onder het dak van de kerststal in de buurt van de kribbe. Vervolgens nam hij één voor één de schapen en gaf ze een schoonheidsbehandeling. ‘Zijn ze nu anders?', vroeg mevrouw Krankheimer. ‘Het is hetzelfde materiaal, dezelfde wol, dezelfde pootjes, alleen wat anders in model gebracht. Let niet altijd op wat je eerst ziet maar kijk verder en vraag door.' Meester wees naar de ster. ‘Daarom hangt de ster niet recht boven de stal. Jullie hebben allemaal in je hoofd hoe dingen horen. Wanneer de ster precies boven de kribbe had gehangen hadden jullie er niets over gezegd. Nu hebben we het er wel over. Marthe en Eric hebben me dat duidelijk gemaakt.' We knikten stil. We snapten het. Ik hoorde in de stilte weer hetzelfde geluid als net. Ik had me niet vergist. Ik hoorde duidelijk het gebalk van een ezel. Meester Korneel kreeg een grote lach op zijn gezicht. Hij pakte Jozef en Maria en zette ze in het midden van de stal. ‘Ik heb de stal gemaakt', zei hij. ‘Ik had de opdracht van mevrouw Krankheimer gekregen om het zo schots en scheef mogelijk te maken.' ‘Dat is je goed gelukt, meester', zei Charlie direct. Mevrouw Krankheimer grinnikte. ‘Maar ik zie de ezel helemaal niet', zei Jarno. Meester Korneel en mevrouw Krankheimer keken elkaar veelbetekenend aan. Hun gezichten glommen. ‘Maar ik hoor hem wel', zei ik. En inderdaad klonk van heel dichtbij het geluid van een ezel. ‘Je ziet hem inderdaad niet', zei meester Korneel. ‘Hij was behoorlijk te groot voor onze stal', vulde mevrouw Krankheimer aan. Op dat moment klonk het oorverdovende gebalk van een ezel door het open raam naar binnen. We liepen allemaal naar het raam en verbaasd staarden we naar buiten.

Ezel

Directeur Zwarfdreumer stond met een ezel aan een touw op het schoolplein. We herkenden hem bijna niet. Hij had zijn pak ingeruild voor kleren waarvan het leek of hij ze van een zwerver had gekregen. Hij had een sjofele gleufhoed op zijn hoofd, een lange zware leren jas en een paar stevige leren laarzen. Om zijn schouders had hij een vacht van een schaap vastgeknoopt. Hij wenkte ons om naar buiten te komen. Mevrouw Krankheimer stak haar hand op, als een soort van stiltegebaar terwijl we nog steeds stil waren. ‘De ezel', zei ze. ‘ heeft last van verschillende uitdrukkingen: Zo stom als een ezel, zo koppig als een ezel. Dat wordt er gezegd. Ik vraag jullie om dit jaar met kerst een keer verder te kijken dan die woorden en eens te kijken naar de échte ezel. Naar hoe mooi een ezel eigenlijk is. Wanneer je dat doet kun je ook weer het licht van de ster in iedereen zien en zorgen we daarmee voor wat meer licht in deze wereld.' Meester Korneel knikte. Wij knikten. We hadden het begrepen. De ezel balkte ook alsof hij het er ook mee eens was en lachend en uitgelaten pakten we onze jassen en liepen naar buiten om eens goed naar de ezel te kijken.