Bereikbaar

ZUIDBROEK

Het irriteert me. De gedachte aan mijn laptop thuis, op de eettafel, terwijl ik nu ook wat had kunnen doen. In mijn hoofd rommelt het, het is er druk, te krap. Tegenwoordig vind ik het steeds lastiger om lege momenten onbenut te laten. Zodra ik niet bereikbaar ben is er iets in mij dat tegen meschreeuwt.

Ik ben vandaag op weg naar Amsterdam in een propvolle trein. Ik ben uitgenodigd als figurant bij de opnames van het programma de Nieuwe Maan’. Ik vervul een ogenschijnlijk onbelangrijke rol, maar dat is precies waar ik nu behoefte aan heb. Iets doen wat er weinig toe doet. Een slak die zich terugtrekt in zijn huis.

Buiten speelt de herfst een wreed spel. Zonnige momenten worden door ferme regenbuien afgewisseld. Ik verlang naar de frisse lucht, natregenen tot op het bot. De coupé waarin ik mij begeef is gevuld met studenten. Ze hebben herfstvakantie, sjouwen tassen vol vuile was richting onderdanige ouders. Het ruikt er naar natte haren en oude kauwgom. ,,Zal ik een neuspiercing nemen in de vakantie? Het hoeft niet ordinair te zijn toch? Zal ik het gewoon doen?”. Het meisje naast haar knikt. ,,Ja leuk!”. Ik denk aan mijn eigen neuspiercing, wil iets zeggen maar bedenk me. Het eerste meisje begint te lachen. ,,Ik zag laatst iets over iemand die zijn nier afstond. Ik zou dat ook wel willen doen, maar ik heb iets met mijn nieren. Which reminds me, ik moet de arts er nog steeds over terugbellen”.

Dat is het ding met ouder worden. Op een zeker moment begin je je te realiseren dat de tijd onverbiddelijk is. Dat je die arts moet terugbellen. Misschien schaam ik mij daarom ook zo voor dit meisje. De manier waarop ze haar lijf behandeld. Alsof het een volstrekt vanzelfsprekend functionerend organisme is, dat haar never nooit in de steek zal laten. Ik kan mij nog herinneren hoe het is om zo te denken. Die oprechte roekeloosheid. Het liefst wil ik haar hier door elkaar schudden.

In Almere stap ik over op de trein richting Zuid. Ik laat de meisjes ver achter me. In deze trein is het gelukkig een stuk rustiger. Ik weet een plekje in de stiltecoupé te bemachtigen. Opnieuw neemt dat onheilspellende gevoel van mij bezit. Ik voel de drang om op mijn telefoon te kijken, mijn e-mail te checken, dit loze moment te vullen.

In Zuid neem ik de tram richting het Museumplein. Het is gelukt om al een half uur niet op mijn telefoon te kijken. Via de van Baerlestraat loop ik richting het Vondelpark. Onzeker stap ik het voormalige filmmuseum binnen. Op verzoek van de crew breng ik mijn jas en tas naar de garderobe. Ik laat mijn telefoon in mijn tas achter, meld mij bij de bar, wissel het felroze muntje dat ik kreeg, om voor een wijntje. De wereld is hier klein. Overzichtelijk. Ook binnen een vacuüm kun je ademen.


Auteur

Redacteur